
Net als bij wijn ontleent de oester haar smaak aan de bodem waarop ze groeit en de voeding die ze krijgt. Ook het zoutgehalte en de watertemperatuur hebben een sterke invloed op de smaak, de vorm en de samenstelling van de oester. Zo heeft bijvoorbeeld een creuse uit sommige Bretonse wateren een noten nasmaak en kan men bij de Pousse en Claire uit de Marennes-d'Orélon de smaak van zeelavendel ontdekken.
Bij de Platte oesters is de Zeeuwse platte wat zoetig en peperig, de Engelse Colchester nootachtig en licht ziltig, de Franse Belon heeft een sterke jodiumsmaak, de Bouzigues is fruitig en zout en de Marennes smaken geraffineerd.